Let op! Internet Explorer wordt niet meer ondersteund. Hierdoor kan de website mogelijk niet goed functioneren, gebruik een alternatieve browser om optimaal gebruik te maken van deze website. Klik hier om een alternatieve browser te downloaden.

In brood zitten koolhydraten, eiwitten, jodium, vitamine B en ijzer. Dit zijn voedingswaardes die je kind nodig heeft vanaf 6 maanden voor de verdere ontwikkeling en groei, een gezonde spijsvertering en darmwerking. Op den duur kun je brood afwisselen met havermout of andere ontbijtgranen (zonder toegevoegd suiker of zout).

Brood introduceren, een nieuwe fase!

Wanneer je baby 6 maanden oud is kun je je baby brood geven zonder korst. Geef alleen brood als je baby gewend is aan oefenhapjes. Eventueel kun je het brood in moedermelk of flesvoeding dopen om het wat zachter te maken.

Lichtbruin brood zonder pitten en zaden is goed om mee te beginnen. Brood zit vol vezels, de darmen van je baby moeten daar in het begin nog aan wennen. Geef je baby daarom bij het introduceren van brood bij voorkeur lichtbruin brood. Hierin zitten minder vezels dan in volkorenbrood, maar het is een gezondere keuze dan witbrood. In wit brood worden de kiemen en zemelen uit gezeefd waardoor het weinig vezels bevat. De maag van je baby leert dan niet om hier goed aan te wennen. Als je baby lichtbruin brood goed eet, kun je na een tijdje (vanaf 8 maanden ongeveer) overstappen op fijn volkorenbrood. Zo went je kindje stap voor stap aan de hoeveelheid vezels. Vanaf 1 jaar kun je alle soorten brood aanbieden, dus ook meergranenbrood of brood met pitjes en zaden.

Om te leren kauwen geef je je kindje vanaf 7 maanden brood met korst. Ook als je kindje nog geen tanden heeft bijt en sabbelt hij met zijn kaken. Een broodkorstje is tevens een prima tussendoortje. De hardere structuur stimuleert dat je kind gaat sabbelen en kauwen. Dit is goed voor de mondspieren. Op deze manier oefent je kindje met kauwen, ook al heeft hij nog geen kiezen. Met zijn kaken en tong maalt hij het brood fijn.

Tip!

Op zoek naar meer inspiratie voor broodbeleg of een variatie tijdens de lunch, zoals een heerlijke voedzame wafel? Bekijk dan onze gratis recepten in de categorie broodbeleg & lunch, of download de app!

De eerste boterham

De eerste keer zal je kindje vast geen hele boterham eten, maar slechts een paar stukjes zonder korst. Wanneer je net begint met de boterham is beleggen met alleen margarine voldoende. Volgens het Voedingscentrum is dit de beste keuze voor je baby. Verder broodbeleg is nog niet nodig. Vanaf het moment dat brood echt een maaltijd wordt kun je er beleg op doen. In het begin is een smeerbare variant aan te raden, zoals 100% pindakaas, geprakte avocado of een van onze fruithapjes. Geef kleine stukjes (postzegelformaat) zonder korst. Eventueel kun je het brood in moedermelk of kunstvoeding dopen om een wat zachtere structuur te krijgen. Stop het stukje brood aan de zijkant van de mond, in de wang. Je baby zal dan waarschijnlijk automatisch kauwbewegingen maken het stukje langzaam gaan vermalen. Blijf altijd bij je kindje wanneer hij of zij aan het eten is en zorg dat je kindje goed rechtop zit.

Een broodkorstje aan je baby geven kan best spannend zijn. Vaak zijn ouders bang dat hun kind gaat kokhalzen of zich gaat verslikken. Het is goed om te weten dat bij baby’s het kokhalsreflex voor op de tong ligt. Deze reflex beschermt je kindje tegen het verslikken. Door het eten van vast voedsel verplaatst dit reflex zich naar achteren in de mond. Wanneer je kindje snel kokhalst kun je eens proberen om een stukje korst aan de zijkant in zijn mond te stoppen, zodat het al op de juiste plek ligt. Je kindje hoeft dan niet zelf met zijn tong het korstje naar de zijkant van zijn mond te brengen.

Heeft je baby nog niet zo’n zin in de boterham en draait hij zijn hoofdje weg? Wacht dan een aantal dagen en probeer het nog eens. Ga het vooral niet forceren maar laat je kindje daarin bepalen. Elk kind is er op zijn eigen moment klaar voor, maar blijf het wel regelmatig aanbieden.